Bezoek ook onze webshop op www.deduurzametuin.nl

Beplanting

Vaste planten, heesters, bomen en bollen, de ingrediënten voor een levende tuin. De beplanting moet vogel- en insect vriendelijk zijn. Met andere woorden de beplanting moet voldoende voedsel kunnen leveren aan vogels, vlinders, bijen en andere dieren die in uw tuin komen. Zonder deze voedselleveranciers zullen de dieren en insecten uw tuin niet opzoeken. Daarnaast helpen water en stapelmuurtjes (schuilplaatsen) natuurlijk ook om leven in uw tuin te krijgen. Bloembollen spelen ook een belangrijke rol in een tuin, wij geven u handige tips.

Vlindervriendelijke beplanting.

Vlinders leven van nectar. Nectar bestaat uit suiker, wat eiwitten en vitamines. Wilt u graag (meer) vlinders in uw tuin, kies dan voor beplanting met bloemen vol nectar. Denk daarbij ook aan voorjaars-, zomer-, en herfstbloeiers. Zo biedt u alle vlinders voldoende voedingsstoffen.

Voorjaarsbloemen met nectar

Echinacea

Echinacea

  1. Kruipende zenegroen (Ajuga reptans)
  2. Judaspenning Lunaria)
  3. Helmbloem (Corydalis)

Zomerbloeiers met nectar

  1. Guldenroede (Solidago)
  2. Zonnehoed (Echinacea)
  3. Koninginnekruid (Euptorium)

Herfstbloeiers met nectar

  1. Hemelsleutel (Sedum spectabile)
  2. Herfstaster (Aster novi-belgii)
  3. Blauwe knoop (Succisa pratensis)

Over het algemeen trekken vlinders naar bloemen met de kleur geel en paars, ze kunnen namelijk kleuren onderscheiden!

Vergeet ook de nachtvlinders niet! Zij komen af op bloemen die in de avond sterk gaan geuren.

  1. Teunisbloem (Oenothera)
  2. Phlox
  3. Zeepkruid (Saponaria)

Waardplanten.

Bloemen met nectar zijn goed voor vlinders, maar diezelfde vlinders moeten zich ook voortplanten. Daar hebben ze waardplanten bij nodig. De vlinder zet haar eieren af op specifieke planten. Iedere vlindersoort heeft haar eigen waardplant(en)

De grote brandnetel wordt bezocht door de Atalanta, het Landkaartje en de Kleine vos. Het Oranjetipje bezoekt de Pinksterbloem en Look zonder Look, het Boomblauwtje legt haar eitjes in de klimop. De Koninginnenpage kiest het liefst voor de wilde peen en het koolwitje kiest kool of Oost Indische kers. De Distelvlinder……. u raadt het al! En de Kleine vuurvlinder legt haar eitjes op de zuring.

Vogelvriendelijke beplanting.

Ieder jaar vindt in januari de Nationale Vogeltelling plaats op initiatief van de Nederlandse Vogelbescherming. Veel mensen tellen met veel plezier een half uurtje de vogels die zij in hun tuin zien. Wanneer u een half uurtje naar de tuin en vogels kijkt valt het pas op hoeveel soorten er in de tuin op zoek zijn naar voedsel, een overnachtingsplek of water komen drinken.

Of valt het u op dat er bijna geen vogels in uw tuin komen? Vogels houden van bessen, insecten en verstopplekjes. Als u dat in uw achterhoofd houdt is een vogelvriendelijke tuin inrichten helemaal niet zo moeilijk. Met de volgende tips kunt u uw tuin vogelvriendelijk maken en misschien komt u dan bij de volgende vogeltelling ogen tekort.

Vogelvriendelijke bloeiende planten:

  1. Kogeldistel (Echinops), trekt veel insecten met mooie blauwe kogelbloemen. Maar denk ook eens aan maagdenpalm (goede bodembedekker), herfstaster(trekt in het najaar nog insecten) en grassen (leveren zaden uit hun aren in de winter).
  2. Koninginnenkruid (Eupatorium), trekt veel insecten en levert zaden in het najaar. Mooie hoge plant met leverkleurige bloemschermen. Of andere iets hogere bloeiende beplanting; Guldenroede en Vingerhoedskruid.
  3. Een- en tweejarige planten lokken veel insecten en hierdoor ook vogels. Denk aan Kaardenbol, Zonnebloem, Keizerskaars en Koolzaad. Al deze bloeiende planten geven in het najaar zaden, waar de vogels ook weer op af komen.

Vogelvriendelijke heesters:

Hedera bloem

Hedera bloem

  1. Groene hagen, bijvoorbeeld Liguster, Hulst (Ilex) en Taxus. Allemaal dragen ze bessen en bieden veilige plekjes voor vogels om te nestelen.
  2. Klimop (Hedera), biedt veel verstopplekken voor vogels. Trekt met z’n bloemen veel insecten en levert in de herfst en winter zwarte bessen.
  3. Vuurdoorn (Pyracantha), draagt bessen in de herfst, heeft doorn en is vaak een dichte bosschage. De ideale verstopplaats voor vogels.

Vogelvriendelijke (middelgrote) bomen:

  1. Meidoorn (Craetegus) biedt vogels veilige verstopplekken doordat er doornen aan de takken zitten en levert in het najaar bessen.2.
  2. Krentenboompje (Amelanchier) geeft na een mooie bloesemperiode de vogels kleine krentjes. De bloesem trekt insecten aan. 3.
  3. Meel- en Lijsterbes. Beide bomen leveren veel vruchten waar de vogels dol op zijn.

Tips.

Denk aan wintergroene heesters en hagen in plaats van schuttingen. Ze bieden u schaduw in de zomer, bieden de vogels slaapplaatsen en bescherming tegen de koude wind. Verder zou een waterplaats in de tuin een echte aanwinst zijn. Zowel insecten als vogels bezoeken een waterschaal, wadi of kleine vijver.

Wij zouden het heel leuk vinden om van u te weten of bovenstaande tips u verder geholpen hebben. Of heeft u zelf een goede tip? Geef het ons door via communicatie@willemsteinhoveniers.nl

Bloembollen in de tuin.

Wat met vaste planten kan, kan met bloembollen ook: het hele jaar door een kleurrijke tuin. En ook voorjaarsbollen trekken bijen, hommels en vlinders aan. We geven u een paar tips waarmee u meteen aan de slag kunt.

Bodem

Let, net als bij vaste planten, op de soort bodem die u heeft. De meeste bollen houden niet van natte voeten. Goede waterafvoer is van groot belang. Op veengrond hebben tulpen en sieruien (Allium) het niet naar hun zin en op zandgrond hebben veel bollen moeite om te wortelen aangezien het regenwater snel wegzakt. Bollen die wel graag wat natter staan zijn Kievietsbloem en Leucojum (lenteklokje en zomerklokje).

Aanplant.

Tijdig planten van bloembollen zorgt ervoor dat de bollen voldoende geworteld zijn voor de winter aanbreekt. Eind september plant u vroegbloeiende bolletjes zoals sneeuwklokjes en krokussen. Vanaf half oktober kunt u de rest planten; narcissen, tulpen en Allium.

Wanneer u de bollen in de grond stopt, is de juiste diepte van belang. De regel is een plant gat van tweemaal de hoogte van de bol.  Cyclamen, Dahlia en Cosmos willen alleen een dun laagje aarde op hun bol.

Na de bloei.

Wanneer de bloem is afgestorven, kunt u het blad het best nog even laten zitten. Het blad zorgt ervoor dat de bol weer nieuwe energie kan opslaan voor de bloei van het jaar erop. Bij de sierui (Allium) kunt het gele blad wel weghalen, deze bol is uitzondering op de regel! Bollen als sneeuwklokjes en narcissen kunt u na bloei delen. Dit kunt u het best in juni doen. Bewaar de gedeelde bollen daarna, tot aanplant in oktober, op een koele plek.

Zes en halve week kleur!

Wist u dat je op 1m2 bollen kunt planten die 6,5 weken een kleurrijke bloei geven? Plant de laatbloeiende bollen (bv. Tulp) op zo’n 20 cm diepte, daarboven op wat aarde. Op 10 cm diepte plant u Hyacinten en later bloeiende tulpen. Wederom een laagje aarde. Op 5 cm diepte plant u Chionodoxa, Krokus en narcis. Deze bovenste laag bloeit het eerst.

Heeft u nog vragen over bloembollen, kom dan langs op onze Open Zaterdag 12 oktober 2019.